Ondersteuning

Christoffel biedt diverse soorten ondersteuning voor leerlingen en ouders.

Vakdocent

Vakdocent

De vakdocent geeft les aan leerlingen op het betreffende vakgebied. De leerstof wordt gegeven met behulp van handboeken, werkboeken en digitale programma’s. De leerstof wordt getoetst door middel van bijvoorbeeld overhoringen, proefwerken en/of examens. De cijfers worden geregistreerd in Magister en zijn voor de ouders en leerlingen ter inzage.

Mentor

Mentor

De mentor is de docent die de ondersteuning voor een bepaalde klas op zich neemt. Hij begeleidt de leerlingen en is hun eerste aanspreekpunt. Bovendien informeert hij de ouders, de docenten en de begeleiders over de vorderingen van zijn leerlingen. Hij is ook verantwoordelijk voor het groepsplan en de rapportage over de klas.

Leerlingbegeleider

Leerlingbegeleider

De leerlingbegeleider coördineert de uitvoering van het ondersteuningssysteem binnen een bepaalde jaarlaag.  Zo is hij voorzitter van de leerlingbesprekingen en werkt hij samen met de docenten in het uitvoeren van de leerlingondersteuning zoals bij het opstellen van groepsplannen of het gebruik van signaleringsinstrumenten. De leerlingbegeleider biedt ook ondersteuning aan de docenten door coaching en intervisie. Daarnaast heeft de leerlingbegeleider regelmatig gesprekken met leerlingen en ouders.

Psycholoog/orthopedagoog

Psycholoog/orthopedagoog

De psycholoog en de orthopedagoog verzorgen een belangrijk deel van de toelatingsprocedure. hierin worden de leerlingen op hun capaciteiten, motivatie en leervorderingen onderzocht. Daarnaast nemen zij in overleg met ouders en school aanvullende psychologische en didactische onderzoeken af. Zij adviseren de docenten en begeleiders bij de aanpak van leer- en gedragsproblematiek en geven incidenteel individuele hulp bij leer- en sociaal emotionele problemen.

Ondersteuningscoördinator

Ondersteuningscoördinator

De ondersteuningscoördinator is verantwoordelijk voor de structuur en de uitvoering van de specifieke ondersteuning binnen de school. Ook vormt hij de schakel tussen het Regionaal Samenwerkingsverband Breda e.o. en de school. Hij is verantwoordelijk voor een goede afstemming tussen die twee en draagt zorg voor het uitvoeren van de afspraken die in het Samenwerkingsverband zijn gemaakt. Verder coördineert hij de activiteiten die voortvloeien uit het ondersteuningsplan.

De ondersteuningscoördinator organiseert ook een ondersteuningsoverleg. Hierin wordt de ondersteuningsstructuur besproken. Het ondersteuningsoverleg bestaat uit vertegenwoordigers van een aantal disciplines zoals de ondersteuningscoördinator, de leerlingbegeleider, de psycholoog, de orthopedagoog en de afdelingsleider.

Decaan

Decaan

De decaan biedt hulp bij het vinden van de juiste vorm van (vervolg)onderwijs en bij de oriëntatie op het beroepenveld. Ter voorbereiding op de keuzes wordt de leerlingen een programma gericht op loopbaanoriëntatie en -begeleiding aangeboden dat is vastgelegd in het LOB-werkplan van de school. Dit programma omvat een aantal activiteiten welke gericht zijn op het ontwikkelen van een goed zelfconcept en op het opdoen van arbeidservaringen buiten de school. Door goed te reflecteren op deze ervaringen willen we bereiken dat de leerlingen mede sturing kunnen geven aan hun eigen loopbaan(keuzes). De decanen coördineren deze activiteiten en nemen de specifieke begeleiding rond keuzemomenten en aanmelding voor hun rekening.

Vertrouwenspersoon

Vertrouwenspersoon

Christoffel heeft twee vertrouwenspersonen: Maartje Heemskerk en Piet van Bers. 

De vertrouwenspersoon is aanspreekbaar in geval van pesten, discriminatie, agressie, geweld en (seksuele) intimidatie. De vertrouwenspersoon zal de richtlijnen volgen zoals die door het protocol en de klachtenprocedure Libréon worden omschreven.

Jeugdarts

Jeugdarts

In bepaalde gevallen worden leerlingen, op verzoek van de school, uitgenodigd door de jeugdarts. Dat kan al het geval zijn bij de toelating, bijvoorbeeld als een leerling niet deel mag nemen aan sommige lessen of als de school om andere redenen rekening moet houden met de lichamelijke conditie van de leerling. Het kan ook voorkomen dat de ouders of de leerling of de mentor een vraag hebben aan de jeugdarts over de begeleiding. Zij wenden zich in eerste instantie altijd tot de schoolcontactpersoon CJG (maatschappelijk deskundige van het Centrum Jeugd en Gezin).

CJG

CJG

Het Centrum voor Jeugd en Gezin is een instelling waar ouders, opvoeders en kinderen en jongeren van 0 tot 23 jaar voor alle vragen rondom opvoeden en opgroeien terecht kunnen.  Alle Bredase instellingen die met ouders en kinderen werken, vormen samen het CJG. Er zijn korte lijnen met een School-CJG-er die o.a. aan Christoffel verbonden is.De School-CJG-er is er niet alleen voor vragen van ouders, jongeren en kinderen maar ook van docenten en andere professionals die met kinderen en jongeren werken. De School-CJG-er kan de ouders desgewenst in contact brengen met andere coaches en begeleiders van het CJG. Een maatschappelijk deskundige van het CJG neemt ook deel aan het ondersteuningsadviesteam (OAT). Het CJG is te bereiken via 0800-4440003 (gratis). Meer informatie over CJG is te vinden op www.cjgbreda.nl

Antipestbeleid

Antipestbeleid

In het pestprotocol van de Onderwijsgroep Tessenderlandt staat de werkwijze die gehanteerd wordt bij pestgedrag en er staan voorwaarden en activiteiten in die pesten kunnen voorkomen.

Het protocol is opgesteld om ouders, leerlingen en personeel te informeren over wat de Onderwijsgroep doet om een zo veilig mogelijk schoolklimaat te creëren. 

Dit protocol is de leidraad voor het omgaan met pesten. 

Bij het samenstellen van dit protocol is gebruik gemaakt van bestaande richtlijnen en en protocollen. De aanpak van pestgedrag zoals beschreven in dit protocol is vanuit de eigen schoolvisie verder vormgegeven.

Onderwijsadviesteam

Ondersteuningsadviesteam

In het ondersteuningsadviesteam worden leerlingen besproken waar we ons zorgen over maken. Dat kunnen moeilijkheden zijn die te maken hebben met problemen op school of thuis. Het OAT adviseert de school en de ouders over de meest geschikte aanpak. Dat kan een advies zijn over de manier waarop men in bepaalde situaties met een leerling om moet gaan. Het is ook mogelijk dat het OAT een gericht advies geeft over de verwijzing naar hulpverlenende instanties.Voor de begeleiding van leerlingen kan het hele jaar door een beroep worden gedaan op het OAT. Het OAT bestaat uit de psycholoog, de orthopedagoog, de ondersteuningscoördinator, de afdelingsleider, een maatschappelijk deskundige van het Centrum voor Jeugd en Gezin (CJG), de leerlingbegeleider, de jeugdarts en de leerplichtambtenaar. Zij hebben taken die behoren bij de te onderscheiden disciplines. Soms worden er ook andere externe deskundigen gevraagd om deel te nemen aan het overleg van het OAT. Voor bespreking van een leerling in het OAT wordt toestemming gevraagd aan de ouders. 

Leerlingbesprekingen

Leerlingbesprekingen

De leerlingbegeleider bespreekt regelmatig de leerlingen van een klas met de mentor, alle docenten die aan die klas les geven en de meest betrokken orthopedagoog/psycholoog. Dat zijn de leerlingbesprekingen. 

Koptekst 1

Specifieke leerlingondersteuning - remedial teacher

De remedial teacher verleent tijdelijk hulp aan leerlingen met leerproblemen op het gebied van taal, wiskunde en rekenen, of motorische vaardigheden.

Remedial teaching is geen bijles. Aan de hand van de problemen wordt een plan met doelen opgesteld, waarin de begeleiding voor een vaste periode wordt vastgelegd. Remedial teaching wordt op Christoffel zowel individueel als in groepsverband aangeboden.


Christoffel heeft een uitgebreid dyslexiebeleid. Er wordt met allerlei hulpmiddelen gewerkt, voornamelijk met ClaroRead. Docenten bieden zo nodig auditieve ondersteuning in de klas in de vorm van voorlezen. Bovendien is de aanpak in de klas er op gericht om de leerlingen zo goed mogelijk te helpen met hun problematiek. De dyslexiebegeleider van Christoffel verzorgt tevens het dyslexiespreekuur. Leerlingen waarbij dyslexie is vastgesteld krijgen een dyslexiepas. De pas geeft de leerlingen recht op een aantal faciliteiten. 

Koptekst 1

Specifieke leerlingondersteuning - sociaal - emotionele begeleiding

De specialisten op Christoffel maken samen met de leden van het ondersteuningsoverleg voor elke leerling een handelingsplan. Bovendien is er door deze specialisten ondersteuning in het onderwijsleerproces voor docenten en leerlingen.

We onderscheiden de volgende specifieke ondersteuning:

  • training sociale vaardigheden

  • training faalangstreductie

  • examenvreestraining

  • creatieve begeleiding

Koptekst 1

Specifieke leerlingondersteuning - huiswerkbegeleiding

In het domein Toekomstoriëntatie leren de leerlingen onder andere vaardigheden om te plannen en te studeren. Daar hoort ook huiswerk bij. Huiswerk is niet alleen bedoeld om de leerlingen extra leertijd te geven. Het is een middel om de leerstof te oefenen en te herhalen. Dat sluit aan bij de ontwikkeling die onze leerlingen op hun leeftijd doormaken. Bovendien verstevigt huiswerk het contact tussen de school en de ouders. Zij zien immers waar hun kind mee bezig is. Meestal krijgen de leerlingen op school al de gelegenheid om met hun huiswerk te beginnen. Dat kan zijn in de gewone les waar het huiswerk voor gemaakt wordt, maar het wordt soms (ook al) in het mentoruur gemaakt. Op Christoffel wordt veel aandacht gegeven aan het maken, leren en plannen van huiswerk. Met Magister bieden wij onze leerlingen studiestructuur en studieondersteuning. Leerlingen die ondanks deze begeleiding door gebrek aan studievaardigheden in de problemen dreigen te raken, komen in aanmerking voor huiswerkondersteuning. Die wordt gegeven in een apart lesuur waarin de leerling onder toezicht van een docent zijn/haar huiswerk kan maken. Leerlingen die hiervoor in aanmerking komen, worden door de mentor in overleg met de ouders aangemeld bij de leerlingbegeleider en de ondersteuningscoördinator.